Praktijk examen

Waarom?
Eén op de vier jongeren raakt binnen vier jaar nadat ze hun rijbewijs hebben gehaald betrokken bij een verkeersongelijk. Om deze ongelukken omlaag te brengen is het rijexamen vernieuwd. Zo gaan nieuwe rijbewijsbezitters zelfstandiger de weg op en beter voorbereid het verkeer in.

Wat verandert er?
Tijdens het praktijkexamen word je, meer nog dan nu, beoordeeld op je verkeersinzicht en of je zelfstandig kunt rijden. Daar zijn vijf nieuwe examen onderdelen voor ontwikkeld.

1. Zelfstandig route rijden.
Zonder aanwijzigen van de examinator een deel van je route rijden.Deze kan op drie manieren gevraagd worden:

  • naar een oriëntatiepunt rijden (bijvoorbeeld een kerk of een hoog gebouw).
  • meerdere routeopdrachten tegelijk (b.v. als je een voorbijganger de weg vraagt.)
  • met behulp van een navigatiesysteem.

Als je de locatie niet bereikt is dat geen ramp. Het gaat erom dat je laat zien dat je zelf verantwoorde keuzes maakt in het verkeer.

2. Zelfstandig bijzondere manoeuvres uitvoeren.

  • Een omkeeropdracht (de weg in tegenovergestelde richting volgen)
  • Een parkeeropdracht (b.v. zo dicht mogelijk bij een supermarkt parkeren. Jij bepaald dan wanneer waar en hoe je dat doet).
  • Stop opdracht (b.v. zo kort mogelijk achter een ander voertuig stoppen, en daarna weer aan het verkeer deel nemen dit kan zowel aan linker- als rechterzijde)

Jij bepaalt dan wanneer, waar en hoe je dat doet. Steeds houd je dus zelf rekening met de veiligheid en de doorstroming. Dat je de auto hiervoor goed moet beheersen spreekt voor zich.

3. Gevaarherkenning door een verkeerssituatie te bespreken. (de situatiebevraging)
Als tijdens de examenrit een bepaalde verkeerssituatie zich voordoet, kan de examinator je vragen de auto daarna even aan de kant te zetten. Je kunt dan enkele vragen krijgen om na te gaan hoe je de verkeerssituatie hebt aangepakt. Het betekent dus niet dat je een fout gemaakt hebt.

4. Milieubewust rijgedrag
Voor een beter milieu en voor je eigen portemonnee is het belangrijk dat automobilisten milieubewust autorijden (volgens de principes van Het Nieuwe Rijden). Daarom wordt meer aandacht besteed aan anticiperend rijgedrag, zoals filerijden en filemijden, of je op het juiste moment schakelt en of je ver genoeg vooruit kijkt. Dit draagt niet allen bij aan vermindering van het brandstofverbruik, maar heeft ook een positieve invloed op verkeersveilig rijgedrag.

5. Zelfreflectie
Thuis of tijdens je rijlessen vul je een vragenlijst in. De lijst geef je aan het begin van het examen aan de examinator. Deze bekijkt samen met jouw de zelfreflectie en bespreekt deze. Zo krijg je een beeld van je sterke en verbeterpunten in het verkeer. Daardoor weet je waar jij na je examen risico’s loopt en waar je dus nog aan moet werken.